Focus is overschat. En onmisbaar.
“Je moet gewoon focus aanbrengen.”
Het klinkt altijd zo logisch. Zeker als je werk zoekt, van richting wilt veranderen of opnieuw wilt uitvinden wat je eigenlijk wilt doen.
Maar wat nu als je helemaal niet weet waarop je moet focussen?
Daar lopen veel ervaren professionals tegenaan. Zeker wanneer het werk dat je jarenlang deed, verandert. Of verdwijnt. Of wanneer je diep van binnen voelt dat je er niet nog eens tien jaar mee door wilt.
Dan wordt focus ineens een ingewikkeld ding.
De zaklamp en de bouwlamp
Psychologen weten al lang dat ons brein slecht gaat op onzekerheid. We houden van duidelijkheid. Van plannen. Van doelen.
Dat geeft rust.
Maar er zit wel een keerzijde aan.
Want als je te snel kiest waar je je aandacht op richt, ga je automatisch andere mogelijkheden minder goed zien. Alsof je met een zaklamp in een donkere ruimte rondloopt. Je ziet heel scherp wat in de lichtbundel valt, maar alles daarbuiten verdwijnt uit beeld.
Dat is handig als je al weet waar je heen wilt, maar minder handig als je nog aan het ontdekken bent.
In zo’n fase heb je eigenlijk geen zaklamp nodig, maar een bouwlamp. Een brede straal die veel tegelijk verlicht.

“Waar richt je je aandacht op?”
“Mijn vak bestaat niet meer”
Jeroen kwam een tijd geleden bij BaanBreker binnen. Architect, al zijn hele werkzame leven. En niet bepaald vrolijk.
“Mijn vak bestaat niet meer”, zei hij tijdens een van de eerste bijeenkomsten.
Dat voelde voor hem ook echt zo. Eerst had hij de overgang van de tekentafel naar de computer meegemaakt. Dat was wennen geweest, maar uiteindelijk had hij zich aangepast.
En nu zag hij hoe AI steeds meer ontwerptaken overnam. Een goede prompt invoeren en binnen korte tijd verschijnt een compleet huisontwerp, inclusief bouwkundige voorwaarden en technische uitwerking.
Voor iemand die tientallen jaren architect was geweest, voelde dat alsof de grond onder zijn vak vandaan werd getrokken.
Zijn eerste focus was daarom vooral gericht op verlies.
Hoe moest hij verder als architect? Waar kon hij nog terecht als architect? Welke werkgevers zochten nog architecten?
Logische vragen, maar misschien niet de juiste.
Van beroep naar talent
Tijdens BaanBreker gebeurde iets interessants.
In gesprekken over zijn werk vertelde Jeroen enthousiast over projecten waar hij trots op was.
Niet over de mooiste gebouwen. Niet over prestigieuze opdrachtgevers. Maar over problemen die hij had opgelost.
Zo vertelde hij uitgebreid over een oplossing die hij bedacht had voor verzakkende winkelpanden. De entree van veel winkels werd daardoor lastig toegankelijk. Hij ontwikkelde een aanpassing die technisch goed werkte, niet ontsierend was én toegankelijk bleef voor mensen met een rollator of kinderwagen.
Terwijl hij erover vertelde, veranderde zijn houding zichtbaar. Dit was waar zijn ogen van gingen glimmen.
Niet het tekenen. Niet het architect-zijn. Maar het oplossen van complexe praktische problemen.
En daarmee verschoof zijn focus.
Niet langer: “Waar kan ik nog architect zijn?”
Maar: “Waar worden ingewikkelde bouwkundige problemen opgelost?”
Dat bleek een totaal andere vraag.

“Je beroep verandert. Je talent blijft.”
Het verschil tussen een doel en een richting
Veel mensen denken dat focus betekent dat je precies moet weten waar je uit wilt komen. Dat is niet altijd zo.
Sterker nog: in een periode van heroriëntatie werkt dat vaak averechts.
Een veel bruikbaarder aanpak is om eerst een richting te kiezen.
Niet: “Ik moet binnen drie maanden een baan hebben als…”
Maar: “Ik wil onderzoeken waar mijn ervaring met het oplossen van technische vraagstukken van waarde is.”
Een richting geeft ruimte. Een doel sluit af.
En juist in een onderzoeksfase heb je die ruimte nodig.
Waarom kiezen soms pas later komt
Er bestaat een psychologisch begrip dat exploreren versus exploiteren wordt genoemd.
Vrij vertaald: Ga je onderzoeken of ga je uitvoeren?
Wanneer je een restaurant binnenloopt waar je nog nooit bent geweest, kijk je eerst naar de kaart. Je verkent de mogelijkheden. En pas daarna kies je.
Toch proberen veel professionals die zich opnieuw oriënteren meteen te kiezen zonder eerst goed te verkennen.
Dat is alsof je in een restaurant direct het eerste gerecht aanwijst omdat je bang bent dat de ober anders wegloopt. Niet heel verstandig.
De nieuwe focus van Jeroen
Toen Jeroen eenmaal inzag dat hij zich niet hoefde vast te klampen aan de functietitel architect, ontstonden er nieuwe mogelijkheden.
Uiteindelijk kwam hij terecht bij een aannemersbedrijf dat gespecialiseerd is in het herstellen van beschadigde en verzakte woningen.
Huizen waar brand was geweest. Pandconstructies die problemen vertoonden. Complexe restauraties.
Precies het soort vraagstukken waar zijn ervaring enorm waardevol bleek.
Zijn werk veranderde. Zijn talent niet.
En dat maakte alle verschil.
Focus als kompas
Dat is wel de belangrijkste les.
Focus is geen tunnel. Focus is een kompas.
Te weinig focus zorgt ervoor dat je alle kanten op blijft kijken.
Te veel focus zorgt ervoor dat je kansen mist die net buiten beeld liggen.
De kunst is om een richting te kiezen die breed genoeg is om nieuwe mogelijkheden te ontdekken en concreet genoeg om daadwerkelijk in beweging te komen.
Dat klinkt eenvoudiger dan het is. Daarom oefenen we daar in BaanBreker veel mee.
Niet door mensen te vertellen wat ze moeten worden, maar wel door met elkaar te onderzoeken waar hun ervaring, talenten en nieuwsgierigheid elkaar ontmoeten.
Want soms ligt je volgende stap verrassend dicht bij wat je altijd al het leukste vond aan je werk.

“Focus is geen tunnel. Focus is een kompas.”
Benieuwd waar jouw ervaring nog meer van waarde kan zijn? Tijdens BaanBreker onderzoek je samen met andere ervaren professionals welke richtingen bij je passen, zonder dat je meteen alles hoeft te weten. Want kiezen begint vaak met ontdekken.
